De bouw van de Afsluitdijk was een grote prestatie in de Nederlandse waterbouw, maar het betekende ook het definitieve einde van de Zuiderzeevisserij. Het zoute water van de woeste binnenzee zou door de afsluiting langzaam zoet worden, waardoor veel vissoorten verdwenen. De tijden van de rijke vangsten waren voorbij. Honderden gezinnen die afhankelijk waren van de visserij verloren hun inkomen. Bovendien werd het materiaal dat zij hadden nagenoeg waardeloos, omdat dit niet geschikt was voor het vissen op de Noordzee.
Op de foto zie je een groep vissers uit Enkhuizen. Ze zijn somber en bedroefd, want het laatste gat van de Afsluitdijk is gedicht. Hun werk is ten einde gekomen. Uit rouw hangen zij de vlag halfstok.
Toch is er iets opvallends aan de hand: de vissers rouwen drie dagen te vroeg. Het laatste gat wordt niet op 24 mei 1932 gesloten, zoals op het bord te lezen is, maar pas op 27 mei.